Minister Thierry Aartsen
Foto: Omroep GelderlandMinister Thierry Aartsen van Werk en Participatie wil dat statushouders sneller aan het werk gaan. In ruim tachtig gemeenten moeten nieuwkomers met een verblijfsvergunning hun inburgering combineren met een zogenoemde startbaan. Ook acht Achterhoekse gemeenten doen mee.
Volgens het ministerie is een groot deel van de statushouders nu nog afhankelijk van een bijstandsuitkering, zo brengt Omroep Gelderland. 70 procent zit na het afronden van de verplichte inburgeringsperiode van drie jaar nog steeds zonder werk. Het kabinet ziet startbanen als een manier om dat te doorbreken: niet eerst jaren inburgeren en daarna pas werk zoeken, maar vanaf het begin taal en werk combineren.
Hoewel veel werkgevers in Achterhoek personeel zoeken, is werk vinden voor statushouders niet eenvoudig. In praktijk komt er veel bij kijken: statushouders moeten vaak nog Nederlands leren, volgen inburgeringslessen en hebben soms extra begeleiding nodig op de werkvloer.
Veel statushouders werken (nog) niet
De startbanen moeten daarbij helpen. Het gaat om betaald werk dat ook geschikt is voor mensen die nog niet goed Nederlands spreken, zoals bijvoorbeeld de logistiek, horeca en bouw.
Sneller zelfstandig bestaan opbouwen
"Als je naar Nederland komt, ga je aan het werk en leer je de taal. Dat moet het uitgangspunt zijn, maar zo is het nu niet", zegt de minister van Werk en Participatie. Aartsen vindt het een gemiste kans als er talent onbenut blijft: "We hebben iedereen keihard nodig op de arbeidsmarkt."
Zijn gedachtegang is dat nieuwkomers met een baan op zak sneller een zelfstandig bestaan opbouwen, de taal leren en een bijdrage leveren aan de samenleving.
Achterhoek al langer bezig
De Arbeidsmarktregio Achterhoek helpt mensen aan werk en werkgevers aan personeel. Binnen die aanpak werken de acht Achterhoekse gemeenten al jaren samen met onderwijspartijen en werkgevers rond statushouders, inburgering en werk. "Voor plattelandsregio's zijn we wel een voorloper", zegt Renske Waardenburg, coördinator bij Arbeidsmarktregio Achterhoek.
Het is één van de twaalf arbeidsmarktregio's die deze startbanen gaat voorzien, die ze vooral in wil zetten voor jongeren. Die focus komt voort uit jarenlange samenwerking tussen onderwijs, gemeenten en UWV. Het doel: jongeren naar school, aan het werk of naar een passende plek helpen.
Dat ze nu ook voor jonge statushouders kiezen, past daarbij. "Sommige jongeren hebben moeite om de hele dagen op school te zitten. Anderen werken al, maar missen daardoor lessen voor hun inburgering. Wij willen zorgen dat zij hun inburgering halen."
Afstanden zijn vooral groot
Daarom willen ze het omdraaien: niet de taalles staat centraal, maar het werk. De inburgering moet daar zoveel mogelijk omheen worden georganiseerd. "Klinkt heel eenvoudig en vanzelfsprekend, maar dat is het niet" zegt Waardenburg. "Normaal moet je drie dagdelen naar de inburgeringsschool en kun je moeilijk daarnaast nog werk vinden."
Dat heeft onder meer te maken met de afstanden die, vooral in de Achterhoek, groot zijn. Wie in Winterswijk woont en ’s avonds in Doetinchem naar les moet, is veel reistijd kwijt. En dat komt bovenop werk, gezin en inburgering.